Info over evacuatie voor cursistenBRANDPREVENTIE EN EVACUATIE VAN DE SCHOOLGEBOUWENALGEMEENJaarlijks ontstaan circa 120 branden in internaten en scholen. Een belangrijk deel daarvan breekt uit op een ogenblik dat de gebouwen bezet zijn. Sommige branden worden geblust in het beginstadium. Wanneer dit echter niet meer kan, blijft de enige mogelijkheid voor de aanwezigen: de gebouwen ontruimen. Bij brand denkt iedereen in eerste instantie aan het gevaar voor brandwonden ten gevolge van contact met de vlammen door blootstelling aan intense straling. Brandwonden kunnen inderdaad dodelijk zijn, maar hitte kan ook doden zonder brandwonden: fatale beschadiging van het centrale zenuwstelsel, lever, nieren, longen,... Rook is echter vijand nummer één! Veel meer nog dan de vrijkomende hitte valt in een brand de rook te vrezen. De meeste slachtoffers bij brand bezwijken inderdaad door verstikking of vergiftiging. De rookproductie- en verspreiding in een gebouw kan zeer snel gaan. De snelheid waarmee de rook zich verspreidt doorheen een gebouw kan 1 meter per seconde bedragen. Een dichte rook belemmert het zicht en herleidt het vlug tot nul. Daardoor worden de aanwezigen verrast en verliezen ze hun ori‘nteringsvermogen. Ook het gebrek aan zuurstof in de ruimten waar brand of rookontwikkeling is, vormt een bijkomend gevaar. Gebrek aan zuurstof leidt vlug tot duizeligheid, hoofdpijn en vermoeidheid. Helder nadenken en de cošrdinatie van de spieren wordt moeilijk. En dan is er het gevaar voor paniek: een logisch gedrag waarbij iedereen slechts bekommerd is om zijn eigen veiligheid, zelfs ten koste van anderen. Paniek kan ontstaan wanneer vermeende vluchtwegen geen uitweg blijken te bieden. Bij paniek kan men twijfelen of verliest men zijn eigen beoordelingsvermogen. Men doet wat een ander beslist en volgt hem omdat men het zelf niet weet. Wanneer die ãleiderÒ dan een niet aangepaste reactie heeft, kunnen de gevolgen zeer erg zijn. In het algemeen kan men echter stellen dat in een brand of andere noodsituaties goed ge•nformeerde en getrainde mensen zich opmerkelijk goed uit de slag trekken. In de mate waarin de gebruikers vertrouwd zijn met het gebouw, de evacuatiewegen, waarschuwings- er alarmprocedures en blusmiddelen, is de kans op een goede afloop groter. REGLEMENTERINGDe meeste algemene bepalingen in verband met de verplichting om een evacuatieoefening in te richten, vindt men in het burgerlijk wetboek. Ook het strafwetboek is duidelijk en is van toepassing op iedereen die nadeel berokkent door gebrek aan voorzichtigheid of voorzorg. Dergelijke onvoorzichtigheid of gebrek aan voorzorg bestaat onder meer bij inbreuken op het A.R.A.B (Algemeen Reglement voor Arbeidsbescherming) dat ook van toepassing is in onderwijsinstellingen. In dat reglement wordt tevens aandacht besteed aan de gevaren in verband met brand en er wordt expliciet gesteld dat waarschuwingsalarmen en ontruimingsoefeningen tenminste eenmaal per jaar georganiseerd moeten worden. Er is ook een omzendbrief van het Ministerie van Onderwijs (1987) betreffende de brandveiligheid in scholen en internaten. Daarin worden een reeks door het Gemeenschapsonderwijs strikt na te leven voorschriften opgesomd en verduidelijkt: 'Ontruimingsoefeningen dienen tenminste éénmaal per schooljaar (tijdens het eerste trimester) te worden georganiseerd. Bijkomende ontruimingsoefeningen zijn nodig tot wanneer een dergelijke training bekomen wordt die toelaat een school binnen 5 minuten na het alarm volledig te ontruimen. Bij dergelijke oefeningen dient telkens gesimuleerd dat één van de vluchtwegen onbruikbaar is, zodat het oordeelkundig gebruik van de vrij gebleven vluchtwegen overblijft.' Alhoewel niet onmiddellijk bindend voor de gesubsidieerde onderwijsinstellingen hebben deze bepalingen toch hun waarde als het er om gaat de normale voorzichtigheid van een 'bonus pater familias' te bepalen. RICHTLIJNEN BIJ EVACUATIE(OEFENING)
OVERZICHT VAN DE EVACUATIEWEGEN BIJ ALARM
VERZAMELPUNT: PARKING ACHTER HET PCMT-GEBOUW
VERZAMELPUNT: PARKING ACHTER HET PCMT-GEBOUW
VERZAMELPUNT TUSSEN ANNEX EN WONING CONCIERGE
Volg nauwgezet de richtlijnen van de lesgever. Op de verzamelplaatsen staan er drie signalisatieverantwoordelijken. Zij zijn herkenbaar aan de oranje signalisatiejassen en staan aan de ingang van de parking tussen weg 1 en 2, tussen weg 3 en 4, in het midden van de parking tussen de annex en de conciergewoning. Zij verzamelen de controlebladen die de leerkrachten en ontruimingsverantwoordelijken invullen. Evacuatie van minder-validen en -mobielen Slechts nadat de oefening volledig is afgelopen, keren cursisten samen met de leerkracht terug naar de klas. |
|---|